Ik schrijf dit op een vrije vrijdag, maar een rustige dag is het niet. Van twee of drie fronten (dat is een beetje onduidelijk) word ik aangevallen door bouwvakkers met betonboren. Ik ben blij dat ik niks zinnigs hoef te doen vandaag.
Ik woon in een leuk pand met allemaal aardige mensen. Mensen die gaan klussen of verbouwen, laten dat altijd even weten in de groepsapp. Die groepsapp is misschien wel de besmettingshaard van het gevaarlijke virus dat op dit moment rondwaart in het gebouw. Het heeft al een flink aantal slachtoffers geëist. Besmetting via groeps-chat, het is een onderbelicht probleem.
Het virus is het beste bekend onder de medische term ‘nieuwebadkameritus’. Het kost de Nederlandse samenleving jaarlijks miljoenen euro’s, omdat het zo snel om zich heen grijpt. Mensen raken besmet via een besmette buurman, en dan is het hek van de dam. Nog voordat de ergste koorts is gaan liggen, heeft het slachtoffer al een peperdure offerte ondertekend, en is de aannemer al bezig de nog perfect functionerende tegelmuren te slopen.
Door sommige experts wordt een verband gelegd met de corona-epidemie. Waarschijnlijk omdat mensen zo vaak thuis zaten, rondkijkend in hun huis, sitting ducks voor het virus dat nieuwebadkameritus veroorzaakt, zonder enige bescherming. Ook nu nog gaan mensen links en rechts voor de bijl, eindelijk de incubatietijd voorbij.
Besmetting gaat gevaarlijk makkelijk. Mensen hebben bijvoorbeeld buren die recent hun badkamer hebben laten verbouwen. Die buren waren een half jaar eerder al besmet en nu zijn ze, als zombies in een horrorfilm, op zoek naar nieuwe slachtoffers. Onze hoofdpersonen gaan nietsvermoedend op bezoek, worden meegetroond naar de badkamer, zien de gietvloer en de trendy tegels, en nog voor ze klaar zijn met ‘oh!’ en ‘ah!’ roepen, heeft het virus al toegeslagen.
De dag ervoor hadden de slachtoffers nog een prima badkamer. Ze kunnen er hun tanden poetsen en douchen en naar zichzelf kijken. Misschien hebben ze een bad. Alles doet het, nergens is een barst of een lek, en als er al iets mis is, zouden ze een heel eind komen met een nieuwe badmat. Men is domweg gelukkig, zonder dromen van regendouches.
Helaas. Na besmetting is er geen weg terug. Vaak diezelfde avond, maar soms pas weken of maanden na besmetting, worden de eerste symptomen zichtbaar. Getroffenen gaan op internet speuren naar plaatjes van luxe badkamers. Men begint met rolmaten de badkamermuren op te meten en schattingen te maken over budgetten en offertes. Het eindigt met verlies van tienduizenden euro’s, terwijl de slachtoffers niet schoner zijn, lekkerder ruiken of gelukkiger zijn dan voorheen.
De al genoemde besmettingsroute van de groepsapp is berucht. De buren roepen dat ze de badkamer gaan verbouwen en maken bij voorbaat hun excuses voor het lawaai. Dan gaan bij grote groepen buren tegelijk de radartjes draaien in hun hoofd. Moeten wij niet ook eens…? Voor je het weet is zo’n groepsapp veranderd in een doorlopend superspreader event dat tientallen slachtoffers maakt.
Dat lijkt bij mij in het pand wellicht de besmettingsbron te zijn. Het is zelfs al opgemerkt door andere buren, zoals te zien is in onderstaand fragment. Hier had een buurvrouw aangekondigd dat ook zij haar badkamer eruit ging slopen. Ze zou zichzelf, haar man en haar kinderen de komende weken blootstellen aan stof en lawaai en daar zelfs grof voor betalen. Hier was duidelijk sprake van een weerloos slachtoffer.

Dus nu zijn er maar liefst drie badkamers in het gebouw die verbouwd worden. Er zijn er nog meer geweest in de afgelopen paar maanden. Er zijn appartementen waar nu, 18 jaar na oplevering van het gebouw, al drie verschillende badkamers in hebben gezeten. Meestal omdat er nieuwe bewoners zijn die de smaak van de vorige eigenaren niet zien zitten, denk ik. Of misschien zit het virus daar in de muren… En bij mensen die er al sinds de oplevering wonen, gaat na 18 jaar ook iets kriebelen, en dat is wel een beetje begrijpelijk. Ik vind het toch zonde van al die prima badkamers. Van een dure nieuwe badkamer word je echt niet gelukkiger dan je was met je gedateerde badkamer. En als ik een paar duizend euro te veel had, deed ik er zelf natuurlijk iets anders mee: ik zou het op mijn geldbergje gooien. Inmiddels meer een geldberg, want ik denk hetzelfde over nieuwe keukens of nieuwe auto’s of – nou ja, bijna alles eigenlijk. Op die manier hou je heel veel geld over, geld dat ik kan steken in mijn vrijheid.
Aankomende woensdag gaat de blogpost over mijn eigen badkamer, en hoe ik mijzelf hoop te immuniseren tegen de nieuwebadkameritus. Het is een experimenteel medicijn, maar tot nu toe zijn de ervaringen goed.

Leave a Reply