Tijjani Reijnders, speler van het Nederlands elftal, speelt tegenwoordig in Saoedi-Arabië. Tragisch om veel redenen, en één daarvan is geld.
Het WK mannenvoetbal was afgelopen jaar weer een groot plezier om naar te kijken. Nederland bakte er dan wel weer niks van, maar ik had sowieso maar één wens: als Argentinië maar verliest. En dat is uiteindelijk gelukt.
Twee spelers uit het Nederlands elftal, namelijk Reijnders en één van mijn favorieten Summerville, zijn na het WK vertrokken naar Saoedi-Arabië om daar als schaamlap te dienen voor een misdadig regime. Summerville voerde een lulverhaaltje op over ‘het totaalplaatje’ dat de doorslag gaf, maar Reijnders deed niet geheimzinnig over de motivatie: het geld. Hij wilde, zei hij, de toekomst van zijn kinderen en kleinkinderen veiligstellen.
“Als mijn spelerscarrière voorbij is, wil ik niet meer hoeven werken. Natuurlijk zou ik waarschijnlijk ook niet meer hoeven werken na mijn contract bij Manchester City, maar deze overstap stelt me in staat om de toekomst van de volgende generaties van mijn familie veilig te stellen. Ik ga daar niet over liegen. Door dit contract te ondertekenen, kan ik ervoor zorgen dat zelfs mijn kleinkinderen financieel veilig zijn, dus waarom zou ik het niet doen?”
Dat is een begrijpelijke wens, maar ook op alle vlakken tragisch. Ik zal het immorele karakter van zijn besluit even laten voor wat het is.
(Nee wacht, ik wil het toch gezegd hebben. Reijnders staat sinds de zomer met zijn noppen in de nek van een hele massa aan mensen die volslagen rechtenloos door het leven moeten in het land waar hij nu voor wandelend uithangbord speelt. De voetbalcompetitie in Saoedi-Arabië bestaat niet omdat ze daar zo van voetbal houden, maar enkel en alleen om het imago van de oliestaat te verbeteren (zie ook Dubai). Vroeger dachten we: olie, corruptie, rare sjeiks, vrouwen die niet mogen autorijden, doodstraf. Nu denken we: Ronaldo. En dat was precies de bedoeling.
Maar daar ging ik het dus niet over hebben.)

Reijnders heeft dus voor een Saoedische club gekozen omdat die het meeste geld bood. Hij was eigenlijk nog maar net begonnen bij Manchester City – ook al een club waar de zakken diep zijn, is sindsdien gebleken. Maar Reijnders dacht blijkbaar: hoe meer, hoe beter. Daarmee maakt hij een paar flinke denkfouten in één keer.
Ten eerste is hij nu zo iemand die we allemaal wel kennen. Zo iemand die denkt dat geld gelukkig maakt. Nou word je van blut zijn heel erg ongelukkig, en ik dacht eigenlijk dat Tijjani dit misschien wel aan levende lijve had ondervonden, want de beste voetballers komen niet uit villawijken. Dat blijkt niet zo te zijn. Hij komt uit een gewoon gezin uit Zwolle, en het ergste wat hij over zijn jeugd vertelt, is dat hij vroeger een bijbaantje bij de Aldi had omdat het moest van zijn moeder. Ze vond dat het tijd was dat ‘ie van de bank af kwam. Daar spreekt geen diep financieel jeugdtrauma uit.
Maar Reinders’ keuze zegt heel veel. Hij had in Europa kunnen spelen voor miljoenen, maar koos voor het hoogste bedrag. Niet voor de interessantste competitie, niet voor een nog betere speler worden, alleen voor de grootste bak geld. Dat is, puur voor jezelf, een slechte beslissing, en de meeste mensen laten zich er gelukkig niet (alleen) door leiden. De meeste mensen weten dat interessant werk belangrijker is dan nog meer geld, net als fijne collega’s en weten dat je iets betekenisvols doet. Reijnders heeft werkplezier (spelen met Haaland!) opgegeven voor geld dat hij niet nodig heeft.
Ten tweede vergeet hij dat je elk bedrag moeiteloos op krijgt, als je maar een klein beetje je best doet. De roddelbladen staan vol met beroemdheden die hun miljoenen verkwanseld hebben aan huizen, auto’s, verkeerde vrienden, trophy wives en verslavingen. Die beroemdheden wisten één ding niet: je moet niet alleen veel verdienen, maar ook zorgen dat je niet alles uitgeeft. Reijnders verdiende in Engeland 55 miljoen met een jaar voetballen. Als hij zich toch nog financieel onveilig voelde, was het probleem niet het inkomen. Niet weten wanneer je genoeg hebt, is de kortste weg naar te weinig hebben.
Bovendien: zelfs al krijg je het zelf niet op, dan staan je kinderen klaar om dat varkentje heel snel te wassen. Dat brengt ons bij reden nummer drie. Reijnders denkt het beste te doen voor zijn kinderen en kleinkinderen, maar hij bewijst die verre van een goede dienst. Hij heeft nu al de verkeerde signalen afgegeven aan zijn zoon van twee, ook al weet die nog niet wat ‘leefstijlinflatie’ betekent. De kans dat de kinderen van Reinders zich ontwikkelen tot narcistische klootzakjes die al zijn geld opmaken, is heel wat groter dan dat het leuke mensen worden. Bovendien las ik ergens, jaren geleden, dat familievermogen meestal niet langer dan twee generaties meegaat: generatie 1 verdient het geld, generatie 2 teert in en voert verder weinig uit, per privéjet op zoek naar een doel in het leven, en het geld is op tegen de tijd dat generatie 3 aan bod komt.
En daarvoor staat Tijjani nu in een zandbak met beroerde teamgenoten tegen beroerde tegenstanders te spelen. Over een jaar of vijftien, als zijn zoontje zich gaat oriënteren op een functie als nepo baby, zal hij waarschijnlijk spijt hebben. Dan zou hij willen dat hij zijn zoon naar de Aldi kon sturen voor een bijbaan en wat levenservaring.

Leave a Reply