Er is een heel specifiek fenomeen binnen de FIRE-gemeenschap waar ik enorm plezier aan beleef: de liefde voor labeltjes. Er zijn inmiddels zoveel varianten en discussies over de verschillen daartussen dat je een handleiding nodig hebt.
Als het niet zo gezellig bleef, zou het een religie zijn. ‘Zet drie Nederlanders bij elkaar en je hebt een kerkscheuring’, zeiden ze vroeger voordat Nederland de kerken grotendeels bij het historisch vuil zette en van de gebouwen mooie boekenwinkels maakte. Gelukkig doen wij niet aan beeldenstormen. Een heerlijke brij aan labels en varianten zonder scherpslijperij of ruzie, ik ben er (oprecht) dol op.
Mochten er nog wat mensen meelezen die de varianten niet uit elkaar kunnen houden, doen we voor de newbies even een lijstje met kort-door-de-bocht definities. Ik hoop dat ik er niet een vergeet.
- FIRE: Financially Independant, Retire Early. Zo snel mogelijk met pensioen willen kunnen en daarvoor hard sparen en beleggen, meestal in brede, low-cost indexfondsen en soms vastgoed. Ook wel te noemen: Classic FIRE.
- Fat FIRE: als je lekker ruim wil leven en dus heb je meer vermogen nodig dan gemiddeld. Jij wil gewoon een nieuwe auto en een groot huis, ook als je gestopt bent met werken.
- Lean FIRE: het andere uiterste. Je bent dan wel vermogend, maar uiteindelijk streef je naar net genoeg. Je fietst overal naartoe, maakt je eigen wasmiddel en haalt je meubels van het grof vuil op straat.
- FI: na een paar jaar FIRE-beweging werd steeds duidelijker dat het ‘financial independence’ deel van FIRE is belangrijker dan ‘retire early’. RE is dus ook voor veel mensen van de definitie verdwenen. Sommige mensen blijven ook werken als het doel eenmaal bereikt is – hoewel ze meestal wel iets anders gaan doen.
- HOT: Happy, Opportunity rich and Time rich. Naar ik begrepen heb, is dit een definitie bedacht door Nederlandse FIRE-aanhangers, ook om uit te drukken dat het vooral draait om streven naar vrijheid.
- Coast FIRE: genoeg geld in beleggingen hebben om met pensioen te kunnen gaan op de datum van je keuze. Je wil bijvoorbeeld over tien jaar stoppen met werken, en verwacht dat je bestaande beleggingen tegen die tijd genoeg zullen zijn om dat te kunnen doen. Je legt dus nu niet meer in en maakt gewoon alles op tot je stopt met werken.
- Barista FIRE: je bent gestopt met de ‘normale baan’ en hebt nu een bijbaantje om je inkomsten uit de beleggingen aan te vullen. Op die manier kon je eerder uit de ratrace stappen en heb je nu een stressvrij bestaan zonder dat je de gebruikelijke 25x je jaaruitgaven hebt hoeven sparen. (Een barista zijn lijkt mij trouwens helemaal niet stressvrij maar dat terzijde.)
- FIRO: Financial Indpendance Retire Often. Mensen die de vrijheid willen om veel sabbaticals te nemen.
En dan zijn er nog mensen die het gewoon liever financiële vrijheid of financiële onafhankelijkheid willen noemen. Ik noem het, geheel achter de feiten aanlopend, eigenlijk nog steeds FIRE. Onder anderen omdat:
- Met het label FIRE meteen duidelijk is dat we het hier hebben over het fenomeen van ver onder je stand leven en de rest beleggen zodat je zo snel mogelijk de vrijheid hebt om ontslag te nemen. Het praat gewoon makkelijker.
- Een term als ‘financieel onafhankelijk’ is volslagen onduidelijk. Onafhankelijk van wie? Van wat? Zeker in het geval van vrouwen wordt dan bedoeld dat ze financieel onafhankelijk zijn van hun man. Een vrouw die ‘financieel onafhankelijk’ genoemd wordt, heeft een eigen inkomen en zou bij een eventuele scheiding financieel niet in de problemen komen. In sommige definities die gebruikt worden door overheden wordt met ‘financieel onafhankelijk’ bedoeld dat je geen beroep hoeft te doen op sociale vangnetten. Dit zijn allemaal dingen die iets heel anders betekenen dan wat we hier bedoelen.
- Ook niet onbelangrijk: ik wil ook daadwerkelijk zo snel mogelijk met pensioen. Dat label FIRE past mij prima. Hoewel ‘early’ relatief is… Maar goed, altijd sneller dan 68, zullen we maar zeggen.
Eigenlijk komt het gewoon neer op een term die al honderden jaren bestaat: ‘rentenieren’. Dat geeft mooi weer dat FIRE dan wel een nieuwe beweging is, maar zo enorm revolutionair zijn de ideeën nou ook weer niet. Er zijn altijd al mensen geweest, ook met gewone inkomens en gewone levens, die van hun spaargeld leefden. Ik ken er persoonlijk drie, die allemaal hun schaapjes allang op het droge hadden toen Mr Money Mustache zijn eerste blogpost nog moest schrijven.
FIRE is dus voor mij: ook als gewoon mens streven naar leven van je vermogen, niet van je arbeid. Door overconsumptie af te wijzen (of, zo je wil, zuinig te zijn) en een groot deel van je inkomen te beleggen. Het nieuwe zit hem erin dat je probeert dit veel sneller te bereiken dan voorheen gebruikelijk was, ook met een bescheiden inkomen.
En wat wil ik dan later worden? Fat FIRE, lean FIRE, barista Fire?
Fat FIRE valt uiteraard af. Ik heb geen behoefte aan luxe, en ben vooral niet bereid daar langer dan nodig voor door te werken. Als het nou enorm meevalt met de beleggingen, zal ik het vast wel opkrijgen, maar dan zal ik dat in zekere zin beschouwen als een suboptimale uitkomst: ik ben te conservatief geweest en heb te lang doorgewerkt. Dat vind ik een groot nadeel.
Lean FIRE is het doel. Als ik – net zo zuinig als nu – kan leven van mijn vermogen tot mijn pensioenfonds en AOW gaan uitkeren, zit ik op de gulden middenweg. Dan zeil je vrij scherp aan de wind, want er is weinig buffer en het risico dat het ‘misgaat’ is groter. Maar dat gaat uit van een vrij kortzichtige definitie van ‘misgaan’. Als het tegenvalt, vind ik het geen probleem om een jaar of twee niet op vakantie te gaan, of om toch een bijverdienste te moeten zoeken. Dat is beter dan te veel buffer inbouwen en dus te lang doorwerken. Ik vind dus ook dat het is ‘misgegaan’ als ik heel veel geld over heb op mijn 68ste. Dan heb ik langer dan nodig als werknemer mijn kostbare tijd doorgebracht. Ik ben al 46, life is short. Tijd is belangrijker dan geld. En een baan hebben is gruwelijk overschat.
Barista FIRE is mijn plan B. Zoals ik eerder al geschreven heb, heb ik mijn ontslagdatum al in mijn hoofd, zonder dat ik weet hoeveel vermogen ik dan heb. Als ik dan genoeg heb, stop ik helemaal met werken en vul mijn tijd met hobby’s en vrijwilligerswerk. Als ik dan nog niet genoeg vermogen heb, zoek ik een zo klein mogelijk bijbaantje in de buurt, of ga ik losse klussen doen in mijn vakgebied. Mijn uiterste oplossing is verhuizen. Ik woon geweldig maar kan best wonen in een huis dat een stuk kleiner is, of op een minder dure plek. Op die manier komt heel veel geld vrij.
Kortom, ik ga vrij veel risico nemen, en durf dat aan omdat 1) de periode tot mijn pensioen relatief kort zal zijn en 2) ik van plan ben flexibel te zijn in de situatie dat de aandelenmarkt tegenvalt.
Er zijn natuurlijk nog wel vraagtekens. Twee, om precies te zijn. Tegen de tijd dat mijn geplande ontslagdatum nadert, gaat meespelen hoe het nieuwe pensioenstelsel is uitgepakt. Als ik nu inlog op de site van mijn pensioenfonds, zeggen de rekenhulpjes dingen tegen mij waar ik heel blij van word. Blijven die zo gunstig? Geen idee. Het nieuwe stelsel is nog niet ingevoed, en kan, als we Pieter Omtzigt moeten geloven, allemaal heel rampzalig uitpakken. Ik denk daar anders over, maar een vraagteken is het wel dus dat zal ik in de gaten moeten houden.
Verder staat of valt dit hele plan met de aanname dat ik mijn baan leuk blijf vinden (heel redelijke kans), en de werkgever me niet op straat zet (wie weet). Mocht de werkgever of ik het toch zat worden met onze samenwerking, dan is het zaak een andere baan te vinden met ongeveer hetzelfde salaris (minder redelijke kans).
Ik maak me daar nu allemaal nog niet zo druk over, want dat is speculeren over de toekomst en dat kunnen we nu eenmaal niet. Wat wel nu al kan: gewoon lekker doorsparen en een leuk leven hebben. Dat is zelfs helemaal niet moeilijk.

Leave a Reply